Start Learning Dutch in the next 30 Seconds with
a Free Lifetime Account

Or sign up using Facebook
Word Image
Talking About Your Plans
15 words
Word Image
Talking About Your Plans
15 words
Wat ga je dit weekend doen?
(e)
What are you doing this weekend?
Ik ga dit weekend reis.
(s)
I am traveling this weekend.
Ik ben van plan om thuis te blijven.
(s)
I am planning to stay at home.
Dit weekend heb ik het druk.
(s)
This week I am busy.
Ik ben morgen vrij.
(s)
I am free tomorrow.
Kunnen we dit opnieuw plannen?
(s)
Can we reschedule this?
Aan het eind van de maand heb ik genoeg tijd.
(s)
I will have enough time at the end of the month.
Welke tijd komt het beste bij je uit?
(s)
When is the best time that suits you?
Ik ben elke avond beschikbaar.
(s)
I am available every evening.
Ik moet dit ruim van tevoren plannen.
(s)
I need to plan this well in advance.
Is dit een goede datum voor je?
(s)
Is this date OK with you?
Ben je op die dag beschikbaar?
(s)
Are you available on that day?
Kunnen we het zo snel mogelijk doen?
(s)
Can we do it as soon as possible?
We moeten een andere datum vinden
(s)
We need to find another date.
Op die dag kan ik niet.
(s)
I cannot do it on that day.
0 Comments
Top